De Willem II Jeugdopleiding maakte in 2025 belangrijke stappen vooruit. Op Sportpark Prinsenhoeve stond ontwikkeling centraal: van een veilige en vertrouwde omgeving tot groei in teams, staf en regionale samenwerking. Hoofd Jeugdopleiding Eric Hellemons blikt terug op het jaar 2025.
Op Sportpark Prinsenhoeve werd op alle fronten geïnvesteerd. In faciliteiten, programma’s, samenwerkingen en vooral in mensen. Alles met één duidelijk doel. Eric Hellemons verwoordt het helder: ‘Alle kinderen in de regio moeten bij Willem II willen spelen.’
Een vertrouwde omgeving als basis
Op het jeugdcomplex aan de Rueckertbaan heerst rust. Rust op een positieve manier. Het complex is groen, ruim en overzichtelijk ingericht: een ideale omgeving om te werken aan ontwikkeling. Volgens Hellemons past die rust bij de ambities van de jeugdopleiding. ‘Een vertrouwde en veilige omgeving is cruciaal. Voor spelers, ouders, medewerkers en vrijwilligers. Alleen vanuit zo’n basis kan verder worden geprofessionaliseerd en iedere dag een stap vooruit worden gezet.’
Rust als humuslaag
De rust op Sportpark Prinsenhoeve vormt de humuslaag waarop wordt gebouwd. In 2025 kreeg die ontwikkeling zichtbaar vorm. De jeugdopleiding breidde uit met een O16-team en de O11 en O12 speelden voor het eerst volgens het Twin Games-principe (8 tegen 8), de scouting groeide naar vijftien scouts en de staf professionaliseerde verder. Ook de samenwerking met amateurverenigingen kreeg een stevige impuls. Inmiddels telt Willem II negen partnerclubs. Hellemons: ‘De relatie met amateurverenigingen is essentieel. Daar is het afgelopen jaar veel in geïnvesteerd.’ Een ander hoogtepunt was de organisatie van de Virgil’s Legacy Trophy in september. ‘De complimenten van Europese topclubs voor de organisatie waren enorm. Dat was iets om trots op te zijn.’
Geloof
Volgens Hellemons begint presteren bij vertrouwen. ‘Je mag scherp zijn op de inhoud, maar het moet nooit persoonlijk worden. Dat is de basis van hoe hier met mensen wordt omgegaan.’ Steeds meer jeugdspelers haakten aan bij het eerste elftal. Namen als Jens Mathijsen, Uriël van Aalst, Siegert Baartmans, Per van Loon, Karst de Leeuw, Jayden Spier, Julian van Esdonk, Junior Poortvliet en Pieter van Maarschalkerwaard zijn daar voorbeelden van. ‘Dat zijn niet direct A-spelers, maar geloof is belangrijk. Door een contract te geven, ontstaat perspectief. Over twee of drie jaar gaan daar spelers tussen zitten waarvan iedereen zegt: dat zijn écht goede spelers geworden. We blijven hard werken om het gat tussen de jeugdopleiding en het eerste elftal te verkleinen, zodat de doorstroom wordt bevorderd én op peil blijft.’
Niet alleen jeugdspelers krijgen kansen richting de hoofdmacht. Recent tekende trainer Pim Hendrix een meerjarig contract en werd hij toegevoegd als assistent-trainer aan de staf van het eerste elftal. Daarnaast schuift O16-trainer Jordy Buijs door als hoofdtrainer van Willem II O21. ‘Het is hartstikke mooi dat jeugdtrainers zich verder willen ontwikkelen, zowel binnen de jeugdopleiding als bij het eerste elftal,’ aldus Hellemons.
Het Basisplan
Binnen het basisplan (O11, O12 en O13) was 2025 een leerzaam jaar. De O11 en O12 speelden voor het eerst Twin Games. De O11 bestond grotendeels uit spelers die nieuw waren bij de club, terwijl de O12 een mix kende van eerste- en tweedejaars. ‘Ontwikkeling gaat met pieken en dalen, maar het basisplan ziet er goed uit. Trainers werken bewust rustig en benaderbaar. Veiligheid staat voorop,’ aldus Hellemons. Willem II O13 kende een lastige start, maar herstelde zich knap en handhaafde zich op het één na hoogste niveau.
Ontwikkelplan en Profplan
Binnen het Ontwikkelplan (O14, O15 en O16) sloot de O16 voor het eerst aan. De O14 en O16 deden lang mee om de bovenste plekken. De O15 kroonde zich op de laatste speeldag tot kampioen en promoveerde naar het niveau waar de ploeg volgens de jeugdopleiding thuishoort. Ook de samenwerking met scholen kreeg verder vorm, waardoor ochtendtrainingen mogelijk werden.
Het Profplan (O19 en O21) kende meer uitdaging. Willem II O19 degradeerde op de laatste speeldag uit het hoogste niveau. Door de doorstroming richting het eerste elftal ontstond extra druk op de O19 en O21. ’Dat is geen excuus, maar de breedte ontbreekt nog om structureel bij de top acht van Nederland te horen,’ stelt Hellemons. De O21 handhaafde zich uiteindelijk en eindigde stabiel in Divisie 1.
Vooruitblik
Terugkijkend op 2025 overheerst trots. ‘De ontwikkeling die is doorgemaakt, biedt perspectief. Spelers zien dat er kansen zijn als zij zich blijven ontwikkelen. Dat gevoel is enorm waardevol en moet worden vastgehouden.’ De blik is inmiddels ook gericht op de toekomst. In 2026 start de Pré-Academie voor spelers onder tien jaar. ‘Alle talenten uit de regio verdienen de kans om bij een BVO te trainen. Dichtbij huis, in een vertrouwde omgeving en in goede samenwerking met ouders, scholen en partnerclubs. Met één doel: groei, op alle niveaus.’
Bericht delen